Citroën ID
Je denkt dat dit een Citroën DS is, maar het is een Citroën ID. Het verschil?
Het misverstand dat de ID er eerder was dan de DS is hardnekkig. Integendeel, de ID kwam pas een jaar later uit op de Salon van 1956. Hoofdzakelijk om het enorme prijsverschil tussen de oude Traction Avant en de nieuwe DS enigszins te verkleinen kwam Citroën met de ID. Uiterlijk op wat kleine details na gelijk aan de DS, maar de ID gebruikte alleen de hydraulische ondersteuning voor de vering en de hoogteregeling. Remmen, sturen en schakelen gaat bij de ID allemaal mechanisch, gepaard met grotere krachtsinspanning. Vandaar ook dat een ID altijd te herkennen is aan een rempedaal, in plaats van de bekende paddenstoel op de vloer, een groter stuur en een handgeschakelde versnellingsbak in plaats van de halfautomatische versie van de DS. Veel bezitters (en bestellers) van een DS ruilden hun auto in voor deze versie van de ID. Simpelweg omdat men (nog) geen vertrouwen had in dat hydraulische systeem. Niet geheel onterecht gezien de vele kinderziektes waarmee dat systeem nog kampte.
Er zijn drie uitvoeringen van de ID geweest: de ID19 Normale, ID19P Luxe en ID19P Confort. De eerste in spartaanse uitvoering met als enige nog het échte Tractionblok, geen ruitensproeiers e.d. en alleen leverbaar in zwart. Hiervan zijn er maar heel weinig verkocht, slechts 390 in vier jaar. Enkele jaren waren de Luxe en vooral de Confort absolute verkooptoppers, maar de belangstelling voor de Luxe daalde ten gunste van de DS en de Confort die uiterlijk nauwelijks meer van de DS te onderscheiden was. Tot het einde van de productie van de DS is ook de ID gemaakt. Het laatste ID-model (althans de Berline) was de DSuper5.
Bron: Citroën ID/DS Club